2 (ad genua)


op zijn berooide knieën zou hij moeten gaan
voor haar, zij met de zwarte wimpers. één buiging
is niet genoeg. maar zijn rug hoeft hij niet te breken

en ook zij gaat zich plooien. zowel van binnen als
van buiten. haar benen gaan van het slot, ze danst
voor hem. daarmee toont ze alles wat er wil zijn

en als zij zich stoten aan elkaars harde bot, de schijven
verplaatsend als schedelplaten van een pasgeboren kind
of brekend als continenten, ja, dan is er dat licht